29 mei 2024

IOMTT: Davey Todd zet snelste tijd met Superstock en Superbike BMW

Davey Todd heeft op woensdagavond in de derde kwalificatiesessie voor de 2024 Isle of Man TT op de Milwaukee BMW de snelste tijd gezet met zowel zijn Superbike alsmede zijn Superstock M 1000 RR. Michael Dunlop reed in de Supersport klasse de snelste tijd, ditmaal met zijn MD Racing R6, terwijl Jamie Coward de lijst aanvoerde in de Supertwin klasse.

Na het cancelen van de tweede kwalificatiesessie op dinsdagavond vanwege de wisselvallige weersomstandigheden met dreiging van regen vlak voor de start, ging de kwalificatie op woensdagavond volgens schema van start, ondanks dat er hier en daar nog sprake was van natte plekken op de baan, het ergst in de Glen Helen sectie het water vanwege de hoogteverschillen over de weg had gestroomd en door de bomen niet had kunnen opdrogen.

Onder een bewolkte hemel en met redelijke wind werd Qualifying 3 door de Superbike en Superstock machines afgetrapt, waarbij de meeste coureurs de sessie op hun Superbike machines begonnen. Dean Harrison ging als eerste op de Honda Racing UK Fireblade, gevolgd door Jamie Coward (Honda), James Hillier (Honda), Ian Hutchinson (Honda), Davey Todd (BMW) en Josh Brookes (BMW).

Al snel was duidelijk dat de dit jaar van Kawasaki op Honda overgestapte Harrison problemen had. De 3-voudig TT-winnaar, die op maandag al niet gelukkig met zijn Fireblade was geweest, was in elke sector beduidend langzamer en stopte uiteindelijk bij Parliament Square in Ramsey, waarna hij door een toeschouwer achterop een CBR600RR terug naar paddock in Douglas werd gebracht.

Nu als eerste op de baan rondde Coward op zijn Superstock Fireblade zijn eerste ronde in 128.220 mph, waarna Todd op zijn Superbike M 1000 RR een zeer indrukwekkende 131.821 mph reed - de eerste 130+ van de 2024 Isle of Man TT. Ook Michael Dunlop nam op zijn Hawk Racing Honda Fireblade de 130-barrière met 130.342 mph, gevolgd door Peter Hickman (129.339 mph) en Josh Brookes (129.007 mph). Hillier voerde de Superstock lijst aan, met een ronde van 128.318 mph.

Als een van de weinige coureurs voorin plakte Todd er meteen een tweede ronde aan vast, waar Coward, Dunlop, Hickman en Hiller terug naar de pits reden. Ook Brookes ging voor een flying lap en wist bij de speedtrap aan het eind van Sulby Straight als enige de 200 mph te doorbreken met een een zeer indrukwekkende topsnelheid van 205.098 mijl per uur. Da's 330 km/u. 

Tot leek in de eerste sectoren zijn tijd te gaan verbeteren, maar gaf in het tweede deel toe en was daardoor met een gemiddelde snelheid van 131.745 mph zelfs iets langzamer dan zijn eerste ronde met staande start. Brookes wist daarentegen zijn tijd wel te verbeteren naar 129.205 mph, waar werd in de ranking door John McGuinness teruggezet die met 129.269 mph wederom de vierde tijd bij de Superbikes reed. McPils zei dan ook zeer in z'n nopjes te zijn met de nieuwe Fireblade, die precies op die punten is verbeterd waar hij al jaren om vroeg en veel minder agressies is dan het 2023 model. 

Na enkele aanpassingen reed Dunlop een tweede ronde met de Superbike Fireblade en leek de tijd van Todd te verbeteren, maar kwam uiteindelijk het kleinste verschil van 7 tiende seconde tekort met een gemiddelde snelheid van 131.729 mijl per uur. Hickman, overgestapt op de Superstock BMW, postte een snelste rondetijd in 129.723 mph en ging daarmee 7 seconden onder de tijd van Coward, die zijn tweede ronde in 128.844 mph had volbracht. 

Het was echter Todd die met een snelheid van 130.349 mph de snelste tijd bij de Superstock reed. Cummins, die net als Rutter in het begin van de sessie issues had gehad, zette de derde tijd met 129.286 mph, na uiteindelijk zijn eerste ronde in 126.961 mph te hebben volbracht, terwijl Harrison op de valreep nog met zijn Superstock Honda de baan op had kunnen gaan en daarmee een zeer nette vierde tijd reed, in 129.226 mph. Hickman had nog net kans gezien om nog een ronde met de Superbike te doen, hij sloot de sessie af in 130.804 mph en was daarmee de derde rijder in de 130+.

 

Om 19:25 uur lokale tijd ging de tweede sessie voor Supersport en Supertwin machines van start, waarbij opmerkelijk genoeg Michael Dunlop ditmaal zijn eigen Yamaha R6 verkoos boven de Triumph waarmee hij op maandagavond had gereden. Dunlop opende de sessie meteen met een ronde in 126.034 mijl per uur en was daarmee niet alleen 16 seconden sneller dan met de Triumph, maar ook nog eens 11 seconden sneller dan de snelste tijd die Todd op maandag met de Panigale V2 had gezet. 

Op drie seconden van Dunlop reed Jamie Coward op de Triumph Street Triple 765 de tweede tijd (125.674 mph, een verbetering van zijn tijd van maandag met bijna 20 seconden, terwijl Hickman op zijn Trooper Triumph (123.581 mph) de derde tijd reed en daarmee 2 seconden langzamer dan op maandag was. Ook Davey Todd wist zijn tijd van maandag niet te verbeteren. Hij rondde zijn eerste ronde in 124.054 mph en verbeterde dat naar 125.063 mph in zijn tweede (vliegende) ronde, maar was daarmee nog steeds 5 seconden langzamer dan op maandag. 

Bij de Supertwins was Pierre-Yves Bian het snelst in de openingsronde (116,930 mph), gevolgd door 2023 Senior Manx Grand winnaar Joe Yeardsley (114,687 mph) en Michael Russell (114,411 mph), waarna Mike Browne op de Scott Racing Aprilia de snelste tijd met 11 seconden verbeterde tot 118,069 mijl per uur. Het duurde echter niet lang voordat die tijd door Rob Hodson op de SMT Racing Paton (118,163 mph) werd aangescherpt, waarna Coward met 119,285 mijl per uur de snelste tijd reed. Hickman, die op maandagavond de snelste tijd had gezet, verbeterde zijn tijd wel, maar gaf met 118.851 mph vier seconden op de tijd van Coward toe.

Tot slot was het de beurt aan de zijspannen. Founds/Walmsley waren als eerste weg en werden net als maandag meteen gevolgd door de gebroeders Crowe, die Founds/Walmsley wederom in de eerste ronde in wisten te halen - zij het ditmaal pas in de mountainsectie. Als door een wesp gestoken haakte Founds meteen weer aan, waardoor de Crowes aan het eind van de eerste ronde wijselijk besloten meteen de pits in te duiken, na met een snelheid van 118.814 mph net hun snelste ronde ooit te hebben gereden.
 
Founds/Walmsley (117,837 mph) waren tweede, gevolgd door Birchall/Rousseau (116,398 mph), Crawford/Hardie (112,987 mph), Reeves/Wilkes (112,985 mph) en Blackstock/Rosney (112,522 mph) met nieuwkomers Ellis/Clement (110,830 mph) op de achtste plaats na hun eerste ronde van meer dan 110 mijl per uur. In hun tweede (vliegende) ronde verbeterden het duo Birchall/Rousseau zijn tijd tot 118.271 mijl per uur gaven daarmee slechts 5 seconden op de tijd van de Crowes toe, voordat de sessie werd afgevlagd.

Door:

Motorfreaks

Deel