Belgisch succes in WK Supersport 300
Tekst: Ed Smits
Fotografie: Ed Smits, MTM HS Kawasaki
Nieuwe instapklasse

Het avontuur van het Belgische MTM HS Kawasaki Racing Team, dat met voormalig Moto3 coureur Scott Deroue en diens teamgenoot Chris Taylor in het WK Supersport 300 met de Ninja 300 moet opboksen tegen een armada aan
Kip kerrie met rijst is lekker, maar ik moet d'r altijd zo winden van laten. De rits maar dicht laten dan..Yamaha R3’en, had zo een album uit de reeks van Asterix kunnen zijn. Na jaren de European Junior Cup als bijprogramma te hebben gehad werd dit jaar door Dorna het WK Supersport 300 als nieuwe opstapklasse voor het WK Superbike gelanceerd. In tegenstelling tot de EJC, die in 2011 als Kawasaki Ninja 250R Cup begon, gevolgd door een KTM 690 Duke Cup, CBR500R Cup en CBR650 Cup, staan in de Supersport 300 verschillende merken aan de start, net als in het WK Supersport, de FIM Superstock 1000 en het WK Superbike. Bovendien heeft het van de FIM de status van een wereldkampioenschap gekregen, waarmee het zelfs hoger in aanzien staat dan de Superstock 1000, die in de loop der jaren is uitgegroeid juniorklasse (en daarmee springplank) van het WK Superbike.
In tegenstelling tot de andere raceklassen, waar in principe met elke straatmotor kan worden geracet zolang ‘ie binnen de maximale cilinderinhoud blijft, zijn bij het WK Supersport 300 slechts 3 modellen gehomologeerd: de Honda CBR500, de Yamaha YZF-R3 en de Kawasaki Ninja 300, waarbij de Kawasaki eigenlijk de enige échte driehonderd is, de andere twee zijn in feite 300+. In eerste instantie hadden Dorna en de FIM op de Honda CBR300 geanticipeerd, maar die fiets is in Europa door Honda van de markt gehaald, waardoor met restricties (zie kader) is gekozen voor de CBR500R.

Het WK Supersport 300 moet worden gezien als de nieuwe opstapklasse van het WSBK-wereldkampioenschap, het wegrace kampioenschap met gehomologeerde productiefietsen. Net als de Moto3 dat voor de MotoGP is, maar met dat verschil dat het racen vooral betaalbaar moet zijn. En dus zijn niet alleen de mogelijkheden om te tunen enorm beperkt, maar zit er ook een maximum prijskaartje aan de spullen die wel mogen worden aangepast. Van het motorblok mag enkel de


Kleur en formaat van het startnummer is vastgelegd. Bij Kawa moet dat groen zijn. De laptimer brengt de belangrijkste informatie in beeld
Thermisch het hoofd koel houden is momenteel de grootste uitdaging. 

Een quickshifter is verplicht, maar alleen voor het opschakelen. Terugschakelen moet nog old-skool
koppakking worden aangepast, evenals het luchtfilter en het uitlaatsysteem, terwijl wat rijwielgedeelte betreft de modificaties voornamelijk tot de vering en remmen zijn beperkt. Van de voorvork mag het binnenwerk worden gemodificeerd, de achtershock mag in z’n geheel worden geswitcht, zolang maar van de originele montagepunten (en eventueel linksysteem) gebruik wordt gemaakt. Verder mag er een andere remschijf worden gebruikt, de remklauw en rempomp moeten daarentegen weer wel standaard zijn.
Waar de Supersport 300 in eerste instantie nog met de nodige scepsis werd bekeken heeft de raceklasse zich inmiddels ontpopt tot een superspannende raceklasse, waar tot wel twintig coureurs om de overwinning vechten en waar de verschillen zo klein zijn dat een gat slaan op de rest van het veld nagenoeg onmogelijk is. Hoewel de CBR500R dankzij z’n grotere cilinderinhoud beduidend meer koppel en vermogen heeft, worden twee op de drie plekken op de grid door de YZF-R3 gevuld. En dat is eigenlijk niet vreemd, van de drie gehomologeerde modellen staat de YZF-R3 het dichtst bij een wegrace supersport. Sterker dan de Kawasaki, lichter dan de Honda en daarnaast (net als de Honda) een 41 mm voorvork die veel beter voor racen is geschikt dan de 37 mm vork waarmee Kawasaki is uitgerust.

Eerste klap

Toch ging de allereerste pole position van het jaar, op het Spaanse circuit Aragon Motorland, niet naar Yamaha, niet naar Honda, maar naar Scott Deroue van het MTM HS Kawasaki Racing Team, die een dag later tevens de zinderend spannende race op naam schreef. Voor eigen publiek op de Drentse heide leek de pole position opnieuw naar de 21-jarige coureur uit Nijkerkerveen te gaan, maar dat was gerekend buiten Borja Sánchez die vanuit de slipstream onder Deroue’s tijd wist te duiken.
De twee teamgenoten helpen elkaar in de trainingEen dag later nam Deroue echter zijn sportieve revanche en schreef met een miniem verschil van ééntiende seconde (de top 5 kwam binnen drietiende seconde over de streep) ook zijn thuiswedstrijd op naam. Een indrukwekkende prestatie, zeker als je bedenkt dat Deroue in de paddock nog op krukken liep als gevolg van een ongeluk op z’n werk eerder die week.
Met twee overwinningen uit twee races was Scott tot favoriet voor de eerste Supersport 300 wereldtitel gebombardeerd, maar tijdens het derde raceweekend in Imola bleek al snel dat de Ninja 300 kansloos was tegen de CBR500R en YZF-R3. Deroue zag zijn eerste vrije training in rook opgaan door een onschuldige schuiver, waardoor hij kostbare trainingstijd verloor en bovendien zijn schouder had geblesseerd. Vanaf dat moment liep hij continue achter de feiten aan en slaagde er niet in door te dringen naar Q2, waardoor hij vanaf een kansloze 21e positie van start moest
Bijna klaar, maar eh... wat doen die schroefjes daar nog op de grond? gaan. “Voor aanvang van het seizoen hadden wij een zeer goede wintertraining gedaan en kwamen daardoor de eerste wedstrijd goed beslagen ten ijs. De tweede race had Scott het thuisvoordeel, maar in Italië was meteen duidelijk dat door sommige teams een behoorlijke inhaalslag was gemaakt,” aldus MTM HS Kawasaki teammanager Ludo van der Veken. “De grootste beperking is de beschikbare trainingstijd, op vrijdag hebben we twee vrije trainingen van elk een half uur en op zaterdag de Superpole kwalificatie van een kwartier. Of twee keer een kwartier als je niet rechtstreeks voor Superpole 2 hebt gekwalificeerd. Dat is de enige voorbereiding die je als team voor de race hebt.”
Ook buiten de races om is de trainingstijd aan strikte banden gelegd, elke coureur mag slechts 4 dagen testen gedurende het seizoen. Dat wil zeggen, op officiële circuits, op kartbanen of bijvoorbeeld de Junior Track van het TT-circuit mag onbeperkt worden gereden. Ook is het niet toegestaan om met een straatversie van de motor waarmee wordt geracet op officiële circuits te rijden, om daarmee te voorkomen dat straatversies als veredelde ontwikkelingsfietsen worden gebruikt. Deelname aan een nationale race mag daarentegen weer wel, maar dat kost je wel een trainingsdag. Elke test moet op voorhand worden gemeld en trainen of racen op een circuit mag niet meer als een week later daar het WSS300 evenement plaatsvindt. Het belangrijkste argument om het aantal testdagen in de perken te houden is enerzijds om de raceklasse betaalbaar te houden en te voorkomen dat de grootte van het budget de kansen op de wereldtitel gaat beïnvloeden.

Maar dat is niet het enige argument. “Bij elk nieuw kampioenschap zie je dat de trainingstijd het eerste seizoen beperkt is,” zegt Ludo. “Voor ons is alles nieuw, maar dat geldt ook voor Pirelli die de banden moet leveren. Omdat men geen idee had hoe hard het met de banden zou gaan, heeft men de rijtijd aan de voorzichtige kant ingeschaald. We hopen dat volgend jaar onze trainingstijd wordt vergroot.


De standaard remklauw en rempomp is zo niet voor racen geschikt, dat tegen het eind van de race het hendel bijna tegen de clip-on wordt geknepen. Daarvoor die stelknop links

Telemetrie is wel toegestaan en aangezien meten nog altijd weten is...

Voor de race werd het achterwiel zo ver mogelijk naar voren gezet. De technische keuring na afloop van de race dacht daar heel anders over...
Als de vrije training tot 40 minuten zou worden verlengd en op zondag een warm-up van 10 minuten zou worden toegevoegd, dan praat je al over 30 minuten meer rijtijd – ofwel een extra vrije training. We weten nu in ieder geval dat de banden dat gemakkelijk aankunnen en in het wedstrijdschema moet echt wel ruimte vrij te maken zijn voor die extra trainingstijd.”
Voorafgaand aan de race op de Lausitzring heeft het team hier getraind en hoopt daarmee de achterstand op de snellere Yamaha en Honda te hebben verkleind. “Ons grootste probleem is dat we minder koppel hebben en dus minder sterk zijn in acceleratie. De Honda van Perez is zo sterk, die kan in z’n eentje een snelle tijd neerzetten, maar wij hebben echt een sleepje nodig. Het is leuk dat Dorna nu het maximum toerental heeft gecorrigeerd (zie kader technisch reglement, red.), maar dat bepaald alleen de topsnelheid en dat is niet ons probleem. Qua topsnelheid zitten we wel goed, het is de acceleratie waar we het afleggen,” zegt Scott Deroue, die het hele weekend in de trailer van het team verblijft. Want ook dát is WK Supersport 300: geen luxe RV’s voor de teams en bizar grote hospitality met driesterren Michelin chef-kok, maar gewoon een paar kantinetafels met stoelen, een koffieautomaat, een frigo vol frisdrank en een grote fruitschaal aan de achterkant van de pitbox, die halverwege netjes met schermen in tweeën is gedeeld om een duidelijke scheiding aan te maken tussen dat deel waar aan de motoren wordt gewerkt en wordt getraind (en wat op tv in beeld kan wordt gebracht) en het deel dat als hospitality wordt gebruikt en waar aan het eind van de dag door het team als een grote familie wordt gegeten.

Lange dagen

Het effect op de beperkte rijtijd wordt me duidelijk als tot laat in de avond aan de machine van Deroue wordt gewerkt. “Op advies van Marcel Duinker (crew chief Tom Sykes, red.) hadden we het achterwiel zo ver mogelijk naar achteren gezet. In twee secties levert ons dat nu voordeel op, maar in de twee andere juist niet doordat de achtershock nu zachter aanvoelt. Daardoor voelt het met omgooien alsof ie op het laatste moment achter door z’n hoeven zakt en verliest Scott te veel tijd.
Ik kan het, ik kan hetWe zouden dit eigenlijk uitgebreid moeten kunnen testen, dat je tijd hebt om bijvoorbeeld een andere achterveer te monteren en volop met de afstelling te experimenten. Maar die tijd hebben we nu niet. Een ander linksysteem zou het probleem waarschijnlijk ook kunnen oplossen, maar dat moet gelijk aan standaard zijn. Dus gaan we nu kijken of we het wiel zo ver mogelijk naar voren kunnen zetten, zodat de shock stugger aanvoelt.”
Als we vroeg in de ochtend weer op het circuit zijn gearriveerd weet Ludo me te vertellen dat door het team nog tot laat in de avond aan beide machines van Deroue en diens teamgenoot Scott Taylor is gewerkt. Doordat het WK Supersport 300 het op de racedag echter zonder warm-up training moet doen is het voor het team afwachten of de aanpassingen die zijn gedaan in de race goed zullen uitpakken of niet.
Kan me niet schelen dat we pas net zijn gestart, ik zeg afvlaggen, nu...Tijdens Superpole 2 heeft Deroue zich op de zevende plaats gekwalificeerd, waardoor hij zich weer in de strijd om de overwinning zou moeten kunnen mengen.
Het blijkt een wonderlijke zet van het team te zijn geweest. Volgens Deroue voelt de Ninja 300 nu veel fijner aan, wat direct na de start duidelijk te merken is. Aan het eind van de eerste ronde heeft Deroue zich al opgewerkt naar de derde plaats en neemt bij het ingaan van de eerste bocht zelfs de leiding in de race, tot hij op het achterste rechte stuk weer slipstreamend wordt ingehaald. Door de leden van het team die niet bij de pitmuur mogen staan wordt de race op het scherm gevolgd, al dan niet ijsberend als Deroue halverwege de race terugvalt naar de zevende plaats. “De temperatuur liep op naar 95 graden,
Technisch reglement
Waar het technisch reglement van het WK Superbike, Superstock 1000 en WK Supersport redelijk helder omkaderd is – SBK/Stock viercilinders tot max 1000cc en tweecilinders tot max 1.200cc, WSS viercilinders tot max 600cc, driecilinders tot max 675cc en tweecilinders tot max 750cc), is in het WK Supersport 300 de keuze beperkt tot slechts drie modellen: de Honda CBR500R, Yamaha YZF-R3 en de Kawasaki Ninja 300, drie tweecilinders met een cilinderinhoud van respectievelijk 471cc, 321cc en 296cc. In eerste instantie stond ook de KTM RC 390 373cc eencilinder op de lijst, maar die fiets is inmiddels (zonder dat zich ook maar een team daarmee had ingeschreven) door de FIM van de lijst geschrapt. Om de verschillen in cilinderinhoud te compenseren is er verschil in het minimale gewicht dat de machine te allen tijde na afloop van een training of wedstrijd moet hebben. Bij de Honda is het gewicht op 150 kg gezet, bij de Yamaha en Kawasaki 140 kilo. Daarnaast is ook het maximum toerental begrensd, aan het begin van het seizoen lag dat bij de CBR500R op 10.500 toeren en bij de YZF-R3 en Ninja 300 elk op 13.000 toeren per minuut, vanaf de Lausitzring is dat voor de Honda en Yamaha naar respectievelijk 9.500 en 12.850 toeren per minuut verlaagd.
Motorisch mag er amper iets worden aangepast. Het luchtfilter, het uitlaatsysteem en de koppakking mag worden aangepast, de rest moet standaard zijn. Ook de ECU moet standaard zijn (hoewel er wel een externe FIM/DWO goedgekeurde benzine-injectie module aan mag worden toegevoegd), voor 2018 wordt de optie voor een "WSS 300 kit" overwogen, met een prijskaartje van maximaal € 950. 
wat me zeker wel een paar pk aan vermogen heeft gescheeld en ik niet meer in staat was me in het gevecht om de overwinning te mengen. De eerste ronden gingen écht goed en misschien had ik meteen een gaatje moeten proberen te slaan, maar ik wilde geen risico nemen,” zegt Scott na afloop van de race. Een plaats op het podium zit er voor Deroue helaas niet meer in, maar de vierde plaats lijkt binnen handbereik, tot hij op de streep door landgenoot Robert Schotman in het gevecht om de vierde plaats wordt geklopt. Met een vijfde plaats houdt hij echter de schade beperkt en staat hij in het kampioenschap slechts twee punten achter de nieuwe leider Mika Perez.
Na afloop van de race volgt echter de deceptie, als blijkt dat tijdens de technische keuring bij de machines van Deroue en Taylor een aanpassing aan de achterbrug wordt geconstateerd en beide coureurs dientengevolge worden gediskwalificeerd, waar door het team direct protest tegen wordt aangetekend. Als Deroue zijn punten terugkrijgt houdt hij met nog drie races te gaan zeker uitzicht op de wereldtitel, anders wordt het met dertien punten achterstand op Mika Perez een stuk lastiger.
In 2017 lanceerde Dorna het WK Supersport 300 als nieuwe instapklasse van het WK Superbike, een nieuwe mondiale raceklasse die het eerste jaar door de Yamaha YZF R3 en Honda CBR500R wordt gedomineerd. Het hele seizoen? Nee, een klein Belgisch team met een Nederlandse coureur op een Kawasaki Ninja 300 blijft moedig weerstand bieden aan de overweldigers en maakt het leven van z’n concurrenten bepaald niet gemakkelijk. "Victurus te saluto," zou Asterix hebben gezegd. "Bij Toutatis!"
