29 december 2025

One in a lifetime

Test: BMW M Experience Cremona

Sommige uitnodigingen zijn zo absurd exclusief dat je ze bijna niet durft te accepteren. Een dag lang rijden op BMW’s complete M-line-up én vier échte fabrieksracemotoren, inclusief Topraks WorldSBK-bike, midden in het seizoen? Dit verhaal grenst aan het ongelooflijke.

Tekst: Ron Huijs
Fotografie: BMW

Ben je motorsportliefhebber en enigszins jaloers van aard, dan stop maar met lezen, want het onderstaande relaas grenst zo ongeveer aan het ongelofelijke. BMW Motorrad heeft dit seizoen namelijk voor het eerst in zijn bestaan een zeer exclusief circuit­event georganiseerd, waarvoor wereldwijd slechts een twintigtal media­testrijders werd uitgenodigd. De voorwaarde: een journalist met aantoonbare circuitervaring.

En zo kreeg ik dat berichtje met die inmiddels bekende tekst: “Hé Ron, zou je het leuk vinden om…”

Op het programma stonden alle drie de M-modellen: de nieuwe M 1000 XRM 1000 R en M 1000 RR, die back-to-back uitvoerig getest konden worden op het Italiaanse circuit van Cremona. Dat op zich is al een bijzondere en unieke line-up, maar daar bleef het niet bij.

Naast deze volledige M-line-up stonden namelijk nog vier exclusieve racemotoren op de testlijst. Exoten waar je als motorsportliefhebber spontaan van begint te kwijlen en waar je als normale sterveling doorgaans alleen van een afstandje naar mag kijken, vaak met zo’n vervelend lintje eromheen gespannen met het bordje do not touch!

Op de lijst:
– de Alpha Racing BMW M 1000 RR Superstock,
– de Alpha Racing BMW M1000 RR Superbike,
– de officiële BMW Motorrad World Endurance Superbike uit het FIM EWC-kampioenschap,
– en last but zeker not least: de echte WorldSBK-machine van het officiële ROKiT BMW-fabrieksteam.

Are you kidding me?

WorldSBK van héél dichtbij

Na op zaterdag naar Italië te zijn gevlogen, vertrok ik zondagochtend in alle vroegte met het selecte gezelschap naar het Cremona Circuit. Dat weekend werd daar de Italiaanse ronde van het WorldSBK gereden en de komende dagen waren wij te gast bij het ROKiT BMW Motorrad WorldSBK Team – je weet wel, het officiële BMW-team dat in 2024 wereldkampioen werd met Toprak Razgatlioglu, en waar ook onze landgenoot Michael van der Mark actief is.

Na een uitgebreid ontbijt in de voor ons onbeperkt toegankelijke BMW-hospitality volgde een uitgebreide rondleiding door de pitbox, met veel tekst en uitleg over de motoren. We kregen toegangspasjes waarmee we niet alleen overal langs de service road direct naast de baan konden staan, maar zelfs toegang hadden tot de startgrid.

Zo stonden we vlak voor de Superpole Race letterlijk naast Toprak, Michael en alle andere rijders. De races zelf waren spectaculair: Toprak won de Superpole Race en finishte later op de dag als tweede in Race 2. Na afloop volgde een meet & greet met het team en rijders gevolgd door een presentatie van de motoren die de volgende dag voor ons klaar zouden staan.

Daarna terug naar het hotel, voor wat een grotendeels slapeloze nacht werd.

Weerangst en nervositeit

Niet alleen de spanning speelde mee, maar vooral ook de weersvoorspellingen. Al veertien dagen volgde ik die obsessief – tot grote ergernis van mijn vrouw. Elke dag nam de kans op regen en onweer toe, en mijn humeur daalde omgekeerd evenredig mee. Het zal toch niet waar zijn dat juist deze testdag in het water valt? In natte omstandigheden zouden we deze exclusieve motoren vanzelfsprekend niet mogen rijden.

Als ik ’s ochtends vroeg naar buiten kijk, blijkt het tegen alle verwachtingen in nog volledig droog. Bewolkt, met af en toe zelfs wat zon. De grootste kans op regen ligt nu pas in de middag. BMW speelt daar slim op in en gooit het oorspronkelijke programma volledig om.

Om zoveel mogelijk droge rijtijd te creëren, vertrekken we eerder naar het circuit, dat deze dag exclusief voor ons is afgehuurd. Om 09:00 uur mag ik al in het eerste groepje van tien rijders de baan op.

Eerste sessie: M 1000 RR en Toprak als gids

ik hou ‘m bij, ik hou ‘m bij…

Van alle gereedstaande motoren kies ik direct een gloednieuwe M 1000 RR uit 2025, voor deze gelegenheid uitgerust met Pirelli slicks. Twintig minuten om een nieuwe baan en motor te leren kennen. In mijn derde ronde komt Toprak voorbij. (Oh wacht, was ik vergeten te zeggen dat Toprak en Michael vandaag de hele dag aanwezig zijn en met ons meerijden?

Toprak geeft het bekende racersgebaar: een paar tikken met zijn linkerhand op het kontje van zijn M 1000 RR. Volgen. Hij rijdt bijna twee rondes voor me uit om lijnen en instuurpunten duidelijk te maken. Uiteraard op z’n Topraks: stevig tempo, maar met zeeën van marge. Daarna zwaait hij en verdwijnt hij binnen no time uit beeld.

Terug in de pitbox blijkt dat BMW het programma opnieuw heeft aangepast. De racemotoren, oorspronkelijk gepland voor later op de dag, worden nu direct ingezet vanwege de voorspelde regen. Vier rijders worden spontaan geselecteerd voor de eerste groep.

En laat ik daar nou net één van zijn.

Na een uitgebreide briefing over de vier Superbikes – vooral over welke knopjes je vooral niet mocht indrukken, het GP-schakelpatroon met alle versnellingen naar beneden (inclusief de 1e versnelling, voor de neutraalstand is een aparte knop voorzien) en het gebruik van de duimrem – loop ik even weg om mijn helm en handschoenen te pakken. Wanneer ik terugkom, hebben de andere drie hun motor al gekozen.

De enige die nog vrij staat?
Topraks WorldSBK-machine.

Damn. Mijn oorspronkelijke plan – level up: eerst Superstock, dan Superbike, dan EWC en tot slot de WorldSBK – kan direct de prullenbak in. Het wordt level down, waarbij ik vurig hoop dat dát vandaag het enige is wat “down” gaat.

In Topraks pitbox kijkt de voltallige crew zichtbaar nerveus toe (oh, was ik ook vergeten te zeggen dat nagenoeg de voltallige crew van het ROKiT fabrieksteam inclusief trailers en hospitality speciaal voor ons is gebleven?) en krijg ik nog wat extra laatste uitleg. Buiten Toprak zelf en vaste testrijder Markus Reitenberger heeft nog niemand deze 2025 Superbike gereden.

Ik raak de tel kwijt van het aantal uitdrukkelijke waarschuwingen het rustig aan te doen, geen risico’s te nemen en ’m heel te houden. “Het gaat niet om de snelste rondetijd, maar puur om de ervaring en beleving”, wordt mij meer dan eens op het hart gedrukt. “Als Toprak je niet zelf heeft gewurgd, dan wel de 19 journalisten wiens feestje je dan hebt verpest, want we bouwen ‘m na een crash uiteraard niet meer op. Dan is het einde oefening.”

Midden in het raceseizoen deze motor rijden, terwijl Toprak er het volgende race weekend in Most weer WK-punten mee moet scoren… het is op zijn zachtst gezegd bijzonder gedurfd van BMW. Géén zorgen mannen, no pressure…

De motor komt tot leven

Dan komt het moment dat de Superbike tot leven wordt gewekt in de pitbox, het volgende kippenvel momentje kan ik je zeggen. Terwijl de motor netjes wordt warmgedraaid door de monteurs breekt het zweet me links en rechts toch al lichtjes uit, en een tikkeltje nervositeit begint ook wel op te spelen. Niks laten merken, gewoon cool blijven kijken Ron… Testrijder Reitenberger scrubt de nieuwe slicks in en zodra hij de pitlane inkomt, mag ik overnemen. Zelfs met helm en oordoppen hoor ik hem einde pitstraat het gas opendraaien. Wat een sound. Alsof het universum me nog extra wil plagen, komt Toprak me persoonlijk een schouderklopje geven:

“You’re a lucky guy, Ron. Enjoy! Go below 1:30 and you’ve got a contract.”

Haha. El Turco…

Drie rondes. Pure magie.

Vanzelfsprekend is de rijtijd met deze motoren beperkt en kun en mag je zeker niet spreken van enige vorm van een test, laat staan dat ik de capaciteiten heb om dit überhaupt te kunnen testen. We mogen per motor een outlap, één flying lap en een inlap rijden. Drie rondes dus. Veel te kort, maar genoeg om te voelen waar dit over gaat.

Wat me als eerste opvalt is de lage zitpositie die Toprak heeft, je zit als het ware in de motor en de kniehoek voor je benen is echt ongekend pittig. Met mijn 1,82m heb ik ongeveer dezelfde lengte (over kilo’s en leeftijd zullen we het maar niet hebben) en heb dus een goed vergelijk. Verder zit alles binnen handbereik. Koppeling in, eerste versnelling naar beneden, klein beetje gas en een duwtje van de crew. Gelukkig slaat ‘ie niet af – stel je voor, met alle ogen nu op mij gericht.

Rustig aan, zeggen ze dan. Tuurlijk…

Vergezeld door de dikke klappen uit het uitlaatsysteem dankzij de pitlimiter daalt met elke meter in de pitlane de nervositeit. Einde pitlane: pitlimiter uit en de nervositeit op het niveau van een normale trackday. Tweede versnelling. De eerste bochten gebruik ik vooral om te voelen hoe de motor reageert, stuurt en remt. Gelukkig heb ik meestal maar een paar bochten nodig om een fiets aan te voelen, en deze WorldSBK machine voelt meteen ongelooflijk stabiel, alsof hij op rails ligt, en met een zeer directe edoch goed doseerbare gasrespons. De eerste acceleratiezone volgt al snel: het blok pakt van onderuit zeer soepel en lineair op. Derde versnelling, bijna tegen de begrenzer, bij het 150-meterbord vol in de rem en weer terug naar twee. De vertraging is absurd, niet alleen door de remmen, maar vooral door de motorrem – ik heb nog nooit zoveel motorrem gevoeld. Imposant.

De rechtse wordt in tweede genomen en kort accelererend naar de eerste 180 graden linkse, dat is het gedeelte van de baan waar ik de races heb gekeken dus die lijnen weet ik inmiddels wel, en voor ik het goed en wel besef ligt mijn ellenboog al tegen het asfalt, dat gaat precies lekker! Onder hellingshoek al vroeg het gas erop en hoor en voel ik de TC al heel vroeg ingrijpen, begrijpelijkerwijs hebben ze die preventief natuurlijk behoorlijk opgeschroefd, dat maakt het rijden wel wat makkelijker maar tegelijk ook wat minder imposanter dan verwacht.

Effe in m’n arm knijpen, checken of ik niet droom

Net voor de rechtse nog even shortshiften naar 3e en dan kort weer het gas open voor de volgende 180 graden linkerbocht. Ik kies hetzelfde instuurpunt als eerder vanochtend met de M 1000 RR maar stuur daarmee duidelijk te krap in, deze WorldSBK machine stuurt zo direct en kort én met zoveel gevoel.

Dan kan voor ‘t eerst het snelgas vol tot tegen de stuit open en knal ik het rechte stuk op, schakelend naar 3e, 4e, 5e en met een 280 km/h op de teller (idd er zit een snelheidsmeter op, en tot mijn eigen verbazing had ik zelfs het besef en de tijd om ernaar te kijken!) ga ik net na het 200m bord “vol” in de rem. Alsof je een anker uitgooit, zo’n vertraging waarbij de voorkant amper lijkt te duiken of in te veren.

Ik zal je details van de rest van de ronde en elke bocht besparen en het proberen samen te vatten. Dit is by far de beste fiets die ik ooit heb gereden. Niet enkel het vermogen (strikt geheim maar vermoedelijk 250+pk) dat indruk maakt, maar vooral de kracht en souplesse van het blok in het middengebied in combinatie met het formidabele rijwielgedeelte waardoor deze motor zo makkelijk en superstrak te rijden is, dit had ik niet verwacht.

Schakelen met de quickshifter op en af verloopt supersnel en strak (en ja de toerental begrenzer werkt ook) en enkel frontaal tegen een muur aan rijden zorgt voor een snellere en abruptere vertraging dan de remmen op deze fiets. En dan die sound, fenomenaal luid en rauw, ploffen en knallen, zo bruut dat je er bijna schrik van krijgt! 3 rondjes lang voel ik me de Toprak van de lage landen totdat ik met de grootste lach die in mijn Arai helm past weer pitlane instuur en de motor tot zichtbare opluchting terug aan de crew overhandig.

Verbaasde blikken en duimpjes omhoog volgen, we dachten echt dat je het rustig aan ging doen en dan kom je hier de eerste keer langs de pitmuur met het voorwieltje zwevend boven het asfalt…

Nog drie Superbikes te gaan

Geen tijd voor een uitgebreide debrief. Ik stap af en loop direct een pitbox verder: de EWC Superbike staat al klaar. Binnen een halve minuut rij ik opnieuw de pitlane uit met de endurance machine die voor de gelegenheid van Bridgestone V02 slicks is voorzien, in plaats van de prototype slicks waarmee het team normaal gesproken rijdt.

De zitpositie is een stuk hoger en de motor voelt gek genoeg veel meer hardcore racer aan dan de WSBK machine. Qua vermogen voel ik eerlijk gezegd maar weinig verschil met de standaard M 1000 RR waarmee ik de ochtend ben gestart, en ergens snap ik dat ook wel. Duurzaamheid is in het EWC belangrijker dan topvermogen, per slot van rekening duurt een race 24 uur lang. Ook nu superstrak sturen, kneiterhard remmen met daarbij een heerlijke sound, en ook beetje tegen mijn verwachting in een vrij makkelijk te rijden motor, maar duidelijk stijver en stugger afgesteld dan Topraks machine en vooral met veel minder motorrem.

Ik zit nog voor ‘m, ik zit nog voor ‘m…

Daarna volgt de Alpha Racing Superbike. Speciaal voor dit event gebouwd, met een prijskaartje van €149.000. Zonder twijfel de meest brute machine van de dag. Meer powergevoel dan Topraks BMW, agressiever, rauwer, luider. MotoGP-niveau qua geluid. Volgehangen met duur en exclusief handgemaakt spul.

Mocht je nog nooit van Alpha Racing hebben gehoord, de Duitse tuner is gespecialiseerd in het bouwen van BMW racemotoren voor raceteams uit het Moto America, het BSB en roadracing zoals de Isle of Man TT en de Macau GP. De speciaal voor dit event gebouwde Superbike is zonder twijfel de meest brute – en meest luide – machine van vandaag. En voor mij dé verrassing van het event.

In 2e, 3e en zelfs 4e versnelling lijkt deze Superbike méér power te hebben dan Topraks motor, hoewel het zeker niet ondenkbaar is dat – zoals ik al zei – BMW die machine uit voorzorg wat heeft geknepen. De mannen van Alpha weten me te vertellen dat bij hun Superbike alleen in de eerste versnelling een kleine restrictie in vermogen is toegepast. En dat merk ik, damn wat loopt dit apparaat hard.

De ‘prijspakker’ van de dag…

En niet alleen dat, de fiets stuurt zo direct en met gevoel dat dit eigenlijk is wat ik van een WorldSBK machine had verwacht. Om nog maar te zwijgen van de luide klappen en ploffen uit het uitlaatsysteem. Geen idee of je ooit een MotoGP machine van dichtbij hebt gehoord, maar dat dus.

Alleen de beste componenten die je kunt kopen zijn op deze Superbike gemonteerd. Met de handgemaakte aluminium tank (zeer cool ongespoten, want lak is extra gewicht), carbon kuipwerk, een eigen subframe, handgemaakte achterbrug zoals ook in Topraks BMW, etc. etc.

Waar je ermee rijdt? Geen idee. Maar wát een fiets.

Tot slot de Alpha Racing Superstock. Met €45.900 ‘bereikbaar’, maar duidelijk veeleisender. Nerveuzer, directer, vraagt meer overtuiging en reageert sneller op verandering van je lichaamshouding. Nog steeds indrukwekkend, maar duidelijk een stap onder de Superbikes.

Geen test. Wel een herinnering voor het leven.

Twaalf rondes, vier Superbikes, midden in het seizoen. Dit was geen test en geen vergelijking, maar pure beleving. Het spreekt voor zich dat alleen coureurs van het kaliber Toprak en Michael in staat zijn om het uiterste uit deze motoren te persen. Geen uitgebreide test met conclusies dus (en helaas ook geen fabriekscontract, die 1’30 zat er by far niet in), maar wel een poging om mijn belevingen over te brengen.

Tot mijn verrassing bleek – op mijn niveau – de WorldSBK-bike het makkelijkst te rijden, dankzij alle geactiveerde elektronische hulpmiddelen en het wellicht teruggeschroefde vermogen om niet in bocht 2 al in het decor te belanden, gevolgd door de Alpha Superbike (die voor m’n gevoel qua power de WorldSBK machine was), de EWC-machine en de Superstock.

Ik kan BMW Motorrad niet genoeg bedanken, wat een absolute topervaring. Ze hebben hier werkelijk alles uit de kast gehaald om ons Superbike coureur voor 1 dag te laten voelen. Wat een belevenis, once in a lifetime. Het vertrouwen, de openheid, de aanwezigheid van het volledige ROKiT-team, de informele gesprekken met Toprak en Michael van der Mark – ongekend.

En alsof het zo moest zijn, bleef het ook nog eens de hele dag droog. Met open pitlane konden we de rest van de dag volop rijden met de drie M-modellen, waarbij ik vooral met de M 1000 RR onderweg ben geweest.

Sommige dagen vergeet je nooit.
Dit was er zo één.

Door:

Motorfreaks

Deel

Gallery