Ducati grijpt voor de vijfde generatie terug op het oorspronkelijke Monster-recept uit 1992—een minimalistische naked met alleen de essentie aan boord. Het ontwerp haalt zichtbare inspiratie uit de eerste serie: ronde koplamp met brede ‘schouders’, compacte kont en een karakteristieke éénzadellijn.
Centraal staat het nieuwe V-twin motorblok met IVT-distributie. Volgens Ducati combineert het soepelheid bij lage toeren, directe punch in het middengebied en vollere adem bij hogere toerentallen; 80% van het koppel zou beschikbaar zijn tussen 4.000 en 10.000 tpm.
Een klepspelingcontrole bij 45.000 km moet de onderhoudskosten verder drukken.
Lichtste Monster met vier kleppen
Het blok fungeert als dragend chassisdeel, in combinatie met een monocoque frame, dubbelzijdige achterbrug geïnspireerd op de Panigale V4 en een licht subframe in technopolymeer. Hierdoor daalt het droge gewicht naar 175 kg, 4 kilo minder dan voorheen.
Showa-vering richt zich op dagelijkse bruikbaarheid én sportiviteit.
Toegankelijke ergonomie
Met een zithoogte van 815 mm (optioneel 775 mm) en een hoger, verder naar voren geplaatst stuur moet de Monster makkelijker en comfortabeler rijden dan zijn voorganger.
Elektronica en uitrusting
Vier rijmodi (Sport, Road, Urban, Wet), een compleet pakket rijhulpsystemen (DTC, DWC, EBC, cornering ABS) en een 5″ TFT-display met navigatiefuncties zijn standaard. Ducati Performance levert de bekende personalisatie-opties, variërend van carbon accenten tot Termignoni-einddempers.
Beschikbaarheid
De Monster staat vanaf februari 2026 bij de dealers in Ducati Red en Iceberg White, als Monster en Monster+. Een 35 kW A2-versie wordt eveneens aangeboden.