31 augustus 2017

Mystiek van de Ulster Grand Prix

Heb het over de Isle of Man TT en echt iedereen weet waar het om gaat, maar nabij het Noord-Ierse Dundrod ligt een ruim 7 mijl lang stratencircuit dat volgens de statistieken het snelste stratencircuit ter wereld is en in de Roadracing scene een ongekende populariteit geniet. Wat de Ulster Grand Prix zo bijzonder maakt zal je toch echt zelf moeten zien.

The Fastest Road Race in the world

Tekst: Vincent Burger
Fotografie: Vincent Burger, Ed Smits

In een poging nog net wat dichter bij de actie te komen en nog wat spectaculairder foto’s te kunnen maken, duik ik op advies van een medetoeschouwer ónder de steiger die op deze plek staat. Met nog steeds niet de foto die ik wil hebben dankzij lastige infrastructuur en goed werkende track officials die álles zien, wil ik alles proberen dus waarom dit niet. Ik sta op het eind van ‘The Flying Kilo’, een Een van de snelste stukken van het circuit. Bij ons zou je hier dertig mogen, of zoietsknap toepasselijk genoemd stuk circuit want hier halen de coureurs met gemak hun topsnelheid, waar een woonhuis een zeldzame gelegenheid biedt voor wat toeschouwers. In de velden rondom het circuit wordt het kijkend publiek netjes op afstand gehouden, dus dat maakt het nog unieker. Speciaal daarom heeft men hier die steiger neergezet, om het publiek net even wat boven de voorbijrazende racers te plaatsen. Wel zo veilig, niet zo stoer natuurlijk, dus ik beproef mijn geluk eronder. Maar wat ik daar zie is wel zo angstaanjagend… dankzij een heg zie ik nauwelijks iets en moet op mijn gehoor afgaan. Dat laat me niet in de steek, maar dat kan ook nauwelijks anders. Eenmaal langs de heg komt er telkens met dik 200 kilometer per uur een coureur op vol tempo voorbijgeflitst met al het bijbehorende kabaal. Alsof oorverdovend nog niet genoeg is, probeer ik het vast te leggen en tuur dus door mijn camera. Stomste wat je kunt doen, want dan lijkt het helemaal alsof ze daar naar binnen willen rijden. Zal ook weinig schelen. Door de luchtverplaatsing krijg ik bij elke passant bovendien ook nog eens een flinke klapper mee die me uit balans brengt. Het enige wat ik nog kan bedenken is hoe link het kan zijn als ik mijn evenwicht zou verliezen of de camera niet met geweld vasthoud. No way dat mijn autofocus dit ook aankan, dus ik hou het snel voor gezien. Of nou oké, na de volgende ronde dan. Veel dichterbij ben je nog nooit geweest en waarschijnlijk gaat dat niet snel meer gebeuren ook. Dit is nou Roadracing, dit is nou de Ulster Grand Prix. Wát een ervaring.


Een hobbel, daarna nog een hobbbel en daarna nog eentje. Deer's Leap is legenrdarisch. Volop leunen om het wiel maar weer terug op aarde te krijgen, levert heel toffe plaatjes op

Gemiddelden

Naar eigen zeggen is het de snelste race ter wereld en ze zullen er niet ver naast zitten. Nou hebben we het wel over Britten natuurlijk, maar het zou best eens kunnen. Met zulke wegen als hier is het eigenlijk best goed mogelijk. Maar met zulke wegen als hier begrijp je ook direct de populariteit van het Road Racing. Zet willekeurig drie of vier wegen af en je hebt een ‘circuit’.En als je weet dat de TT van Man hier ook onder valt, Dit soort beelden zeggen toch meer dan genoeg?is er niet snel iets te kort of te lang. Wat dat betreft valt het bij de Ulster met z’n 7,4 mijl nog heel mild gesteld. Is wel leuker voor het publiek, want de races duren zo vier tot zeven ronden en dus komen de mannen en vrouwen (jawel!) vaker voorbij. De titel ‘snelste race ter wereld’ is afgeleid uit het feit dat pal na wie als eerste over de finish komt, er heel grote waarde gehecht wordt aan de gemiddelde rondesnelheid en die ligt dus zelfs hóger dan op Man… althans, dat wordt beweerd en met een record van 134,089 mijl per uur voordat 2017 begint klopt dat ook, hoewel het verschil (Michael Dunlop reed 2016 133,982 mijl per uur) met Man wel verdomd klein is. Wel weer typisch Brits, om zoiets op te hangen aan een gegeven dat niet eens in de normale laptiming terug te vinden is. Rondetijden, snelheid, positie, allemaal direct terug te vinden in de live-statistieken, maar gemiddelde rondesnelheid staat niet in beeld. Maar het hoort erbij, net als de krant bij fish n chips.

Nou hebben we al eens geprobeerd het gevoel van Roadracing bij te brengen, maar het blijft lastig. Het beste is nog altijd zelf de route te rijden, wat we bij aankomst dan ook zo snel mogelijk, nee dat klinkt niet goed, als eerste doen. Daarna zullen we ons weleens gaan melden in de persruimte. Al rijdend is al snel duidelijk dat dit opnieuw niet voor mietjes is, net zoals op Man. Misschien nog wel wat erger, want ergens in de route ligt ook nog een blinde bult: erachter stort de weg zich met een ruime 10 procent in de diepte.Volgens de kenners vergelijkbaar met Bray Hill en de Corkscrew. Hoe dan ook op normaal tempo al aardig, Nee hoor, prima plekkie om te kijken! Ik sta toch veilig achter een hek?laat staan op een superbike met het gas vol open. Komt nog eens bij dat er halverwege nog een extra dipje zit, dus is het moeilijker het voorwiel op de weg te houden dan het te liften… spektakel in elk geval gegarandeerd.

Het waanzinnige is dat als je weet hoe de weg loopt en wat je allemaal tegenkomt bij normale snelheid, je een ideaal inzicht geeft in de snelheid van de coureurs als je hun onboard beelden terugziet. Je zult minstens een paar keer controleren of het filmpje niet per ongeluk is versneld. En zodra je een indruk hebt van de snelheid, kun je erbij optellen wat er nog meer bij komt kijken: veel bomen hebben niet meer bescherming dan de dikte van één strobaal… en dat zijn nog de mazzelaars. Een rijtje strategisch geplaatste strobalen bij een inrit verstopt de sierstenen die er liggen. En we zijn in het Verenigd koninkrijk: dat betekent veel hegjes, soms een erfafzetting van prikkeldraad (het houdt koeien tegen dus het is goed) en heel erg veel slootjes en greppels. Niet de ideale omstandigheden, maar probeer eens wat het gemiddelde is op een baan als Assen, dan heb je een indruk (we hebben het voor je opgezocht: in 2007 haalde Valentino Rossi een gemiddelde van 168,3…kilometers per uur).


Torenhoog favoriet, Michael Dunlop. Deed het leuk maar zal z'n dag niet gehad hebben, hij won net niet.

Doorlopen en racen

Als je zo de baan ziet liggen, kun je ook een voorstelling maken van de voorzieningen. Eigenlijk is dat nog niet eens zo slecht, een heus permanent gebouw huist de wedstrijdleiding, daaromheen zijn ook nog voldoende voorzieningen voor de veiligheid en een startgrid, aan de overzijde van de weg geflankeerd door een knappe tribune. Voor de rest is het een en al tijdelijk, van de big screen Ja hoor, tuurlijk kan dat ook met Superbikes. Ook nog wel met een RC213V, kijk maarvrachtwagens tot de containers met daarin persruimte en podium bovenop. Ook de paddock is een gezellige wirwar van vrachtwagens en tentjes waarin de meest populaire teams huizen. Op de wei erachter staan de caravans en tenten van de kleinere teams en rijders. Ondanks de drukte is er overzicht en dat komt nog het meest door een gegeven: als je meerijdt in dit soort races rij je bijna altijd met meerdere klassen tegelijk. Dat betekent dat elk team meerdere motoren op rij heeft staan, van 125cc ultra lichtgewicht machines tot en met de dikke 1000cc superbikes. En meestal maar één coureur. Oftewel: je moet aan de bak. Niks chillen in je motorhome, niks persconferenties en sponsorverplichtingen achteraf, gewoon doorlopen en racen. Dat is deels de aantrekkingskracht van het racen op deze manier, de onomstotelijke terugkoppeling naar ‘hoe het vroeger was in de Grand Prix’, gemoedelijk en puur. De rijders zelf zijn er ook voor, ze weten niet anders, ze willen niet anders. Als je een race over een paar rondes uitrijdt, wil je uiteraard vanzelf meer. Die GP coureurs, dat zijn pas mietjesEn naar mate de dag vordert en je meer kilometers maakt, worden de races ook vanzelfsprekend spannender. Niet alleen omdat de motoren steeds weer vers aan de start verschijnen en in cilinderinhoud groeien, maar ook omdat men in een ritme raakt. Vanaf de start direct op racetempo is dan niet zo moeilijk meer en dat zou met een beetje gezond redeneren zelfs nog veiliger kunnen zijn ook.

Voor het publiek betekent dit dat hun helden, stuk voor stuk, ook de hele dag opnieuw voorbijkomen. Dat deze rijders een apart soort mens zijn is ook terug te zien aan de fans en hun gedrag er omheen: maar heel zelden is iemand strikt fan van één coureur, meestal zijn de toppers het meest populair, maar worden de anderen niet vergeten. Er wordt onwijs veel gegund, onder het publiek, maar ook onder de rijders onderling. Gewoon, omdat er altijd een volgende race op het programma staat en de kaarten opnieuw geschud worden. We zien wel wie er wint, maar die winst is dan gegarandeerd verdiend.


Heel soms....

Langs de lijn staan wordt weer een echt avontuur. Je kiest vooraf je plekje en settelt daar met wat je hebt meegebracht; stoeltjes, een thermoskan koffie, een kleine snack en altijd een radio zodat je de ontwikkelingen in de paddock kunt volgen. Zo kun je bijhouden of een race van start gaat, wordt uitgesteld, stilgelegd of is afgelopen, een andere manier is er niet. Of het moet de overvliegende helikopter zijn die de raceleiders steevast volgt. Maar die hoor je ook maar net iets eerder dan het aanstormende geweld van een kleine veertigtal coureurs. Zo'n hairpin staat wel garant voor mooie plaatjes. En mooie acties natuurlijkWant zo populair is het racen dan weer wel; aan deelnemers geen gebrek. In sommige klassen is het zelfs zo vol dat er wordt gestart in etappes omdat er anders te weinig ruimte is op de weg. Bij het verschijnen van de eerste rijders begint de pret en wordt de radio nauwlettend in de gaten gehouden, totdat hopelijk zo’n zes ronden later de winnaar wordt aangekondigd. En dan is het snel inpakken en moven, want zoveel tijd is er niet en je zult wel een afstand moeten overbruggen. Een ideale kijkplaats is er niet, daarvoor is er te veel keus. Daar waar het kan of veilig is staat soms een kleine tribune, voor de rest moet je gewoon maar een plekje zoeken langs de lijn. En dat is veilig genoeg, de organisatie laat echt niet overal toeschouwers toe. Daar wordt streng op gelet door de tientallen vrijwilligers, die stuk voor stuk ook zelf fanatiek enthousiast zijn. Net zoveel respect is er voor de Marshalls en rijdende artsen en hulpverleners, die elke race opnieuw per motor op hun post gaan staan. Een welgemeend applaus achteraf is dan ook standaardpraktijk.


Zonder deze mensen zou er geen road racing zijn.. terecht diep respect

Het is lastig te omschrijven hoeveel respect er is voor degenen die het allemaal mogelijk maken, maar soms krijg je een glimp als men naderhand hartelijk bedankt wordt voor gedane arbeid en hulp het evenement zo veilig mogelijk te laten verlopen. Ook al betekent dat, dat ze je net een uitbrander hebben gegeven omdat je ergens stond waar het niet mocht.

De aantrekkingskracht van Road Racing laat zich moeilijk omschrijven, dat moet je zelf ervaren. Wij hebben dat nu gedaan en we zijn fan. Er is weinig mooier dan dit, weinig zo eerlijk als ouderwets Road Racing. Die populariteit in Engeland en Ierland is dan ook niet vreemd. Sowieso leent het landschap zich er uitermate goed voor, maar het zijn de mensen die het echt maken. Ga dat vooral eens zien.


Laatste ronde, laatste keer door de hairpin, dan krijg je dit soort acties. En zo hoort het

 

Omdat één foto vaak meer dan duizend woorden zegt... 






Já, dat is een straatnaambord


Veel obstakels langs de baan zeg je? Wélke baan?


Onderschrift


Michael Dunlop, diep in gedachten verzonken voor z'n superbikerace. 'Ga je het dit keer voor me doen, baby?'










Peter Hickman wordt gesponsord door.... Iron Maiden Bier. Daar past maar één startnummer bij natuurlijk




Onze nieuwe absolute helding: Patricia Hernandez. Komt helemaal uit de States om de mannen eens flink de oren te wassen. In elke klasse opnieuw.... een wijf met ballen groter dan menig kerel





 

Door:

Motorfreaks

Deel