Duizend Gold Wings op een veld en geen twee dezelfde
Zie het als een zoete eh. genoegdoening voor de ultrakorte eerste kennismaking met de Wing, in de haven van Antwerpen. Of als toeval. Of gewoon als dátgene wat je met een Gold Wing zou moeten doen: reizen. En als we deze mogelijkheid dan toch hebben, maken we er graag gebruik van. En zo trek ik op een mooie zomerse woensdagmorgen de deur achter me dicht, rij naar
'Dat kan ook alleen een Belg zijn'? Mooi niet...lees maar verderTen Kate motoren waar de motor klaar staat, laad m’n bagage over en vertrek. Niks wennen, niks eerst alles uitzoeken, gewoon het adres van vanavond invoeren en gaan. Als je dan toch decadent gaat doen, dan maar gewoon een beetje aandikken.
De reis gaat naar Slovenië, want daar moet het allemaal gaan gebeuren. In het plaatsje Velenje heeft de Sloveense Gold Wing club, samen met de Europese (handig voor ons geleid door een Belg) en met hulp van leden van alle andere nationaliteiten, een camping en sportcomplex geannexeerd en voor het weekend omgetoverd tot Gold Wing Land. Dat doen ze dus al 35 jaar, vandaar het jubileum. De Wing zelf is intussen alweer 43 jaar oud…
Maar het is niét het 35stetreffen. Er zijn er veel meer… zo’n beetje elk land organiseert jaarlijks z’n eigen treffen, wat dus verdeeld over 26 landen nogal wat weekendjes weg zijn. Dit jaar staan er sowieso al 20 treffens op de kalender, dus zou je elk weekend eentje opzoeken, dan ben je van Pasen tot september op pad. Maar het kan makkelijk nog groter: wereldwijd hebben we het over 53 landen met elk hun eigen Gold Wing club. Over een fanbase gesproken…
Tekst: Vincent Burger
Fotografie: Zep Gori
Mooi door Oostenrijk

Maar goed, Slovenië dus. Wel eens geweest, vorig jaar nog, nog nooit naartoe gereden. Dat doen we nu dus eens anders. Met een heerlijk last minute planning zit ik daags voor vertrek nog uit te zoeken hoe ik dat aan zal pakken. Velenje en Celje, waar wij een hotel hebben, liggen niet ver over de grens en die ligt ook nog redelijk bereikbaar achter Oostenrijk. Het is niet verder dan Wenen, ter indicatie.
Beetje regen? So what!Dus wordt het al snel makkelijk: als we dag twee nou eens de snelweg mijden en mooi door Oostenrijk toeren, kunnen we op dat één eerst flink kilometers maken. Duitsland kan mooi zijn, maar niet in het gebied waar wij doorheen moeten. Of nee, dat is niet aardig…. Het is wel mooi, maar Oostenrijk is nou eenmaal aantrekkelijker. En dus boek ik een hotelletje in Bad Wiessee, op een paar kilometer van de grens en 850 kilometer vanaf Nieuwleusen. Mooi doel, lijkt me. En zo gebeurt het ook. Korte samenvatting: eigenlijk is er maar heel erg weinig te melden. Natuurlijk niet. Wat zou je nog meer willen dan in alle comfort als een malle naar het zuiden sjezen? Onderweg is de temperatuur ook helemaal prima, eenmaal stilstaand is het net te heet voor een nylon jasje, maar een ijsje eten gaat dan weer makkelijker naast de motor. Overigens ontdek ik later dat dat een veel voorkomend probleem is, de overgrote meerderheid

Sta je zomaar aan een échte grensovergang. Dat was even geleden
Het zijn de details die het 'm vaak doen he... zoals iets simpels als verkeersborden
En dorpjes, al kan dit ook net zo goed Oostenrijk zijn
Zet je na twee dagen je motor bij het hotel neer, zie je dus dit. Makkie
van de aanwezige motoren is inmiddels voorzien van een bekerhouder. En daar past vast ook een Cornetto in.
Maar goed, zo erg is het ook weer niet. Van tijd tot tijd wil je toch even je benen strekken en met de Wing kom je per tankbeurt toch rond de 300 kilometer ver. Daar zit nog wel wat variatie in, maar op de Autobahn neem ik soms het zekere voor het onzekere. If you don’t agree, shoot me.
Het rijdt zó makkelijk, dat je voordat je het weet alweer bijna bij je bestemming bent. En daar ook letterlijk zo fris afstapt als je opgestapt bent. Dat zeggen we natuurlijk wel vaker, maar het is zelden zo wáár geweest. Bizar. Enige wat wel een puntje is, is misschien de onderrug. Door de zithouding ben je toch een beetje geneigd wat door te zakken, wat niet echt lekker is voor je rug. Een paar highwaysteps zou lekker zijn om je benen af en toe een andere houding te geven en dat gat in het zadel zit er niet voor niets, dat is een voorbereiding voor een rugsteun. Dat is geen decadentie, dat is Gold Wing terrein. Wacht nog maar, het wordt nog veel erger.
Eenmaal bij ons hotel gekomen denk ik eerst dat ik al m’n Duits verleerd ben, maar al snel blijkt dat Beiers toch echt een heel ander potje werk is. Ik heb m’n kamer, m’n bed en morgenochtend een douche en ontbijt. Meer heb ik niet nodig. Als later m’n collega met Wing nummer twee arriveert lopen we naar het dorp voor wat eten, waar het Duits ineens sterk lijkt op Italiaans. Zo zie je maar weer, ’t gaat alle kanten op. De motoren staan netjes in de garage, het is helemaal prima.
De volgende morgen hebben we geluk: het giet pijpenstelen. Maar stom genoeg had ik in een vlaag van verstandsverbijstering thuis al op de weersites gekeken en me voorbereid. Dus heb ik in twee tellen m’n regenpak aangetrokken en ben helemaal het heertje. Nou zou het misschien alsnog fijner zijn als het niet zou regenen, maar het is nu eenmaal niet anders en als je dan toch in de regen moet rijden, dan maar met de Gold Wing. Je wordt nog steeds nat, maar wel een stuk aangenamer dan op een naked of supersport. Met steun van de lokale zender en de GPS die de route aangeeft. Nou is dat wel een dingetje waar we later
Is het nou nog steeds een Wing of zitten er elementen van de Pan European in? nog wat dieper op ingaan –een uitgebreide rijtest van de Wing komt er binnenkort aan- maar uiteindelijk zijn we dan toch vrienden geworden met de navigatie en laten ons gewillig leiden. De tocht voert ons vervolgens zonder snelwegen dwars door Oostenrijk. Weliswaar grotendeels over doorgaande wegen, maar soms ook niét en dan wordt het verrassend. Het is dan ook onvermijdbaar dat we ergens toch een bergpas meepikken en hier betekent dat: dwars door enkele skigebieden heen. Ik was hier in mei nog en toen zag het er echt nog heel anders uit. Maar intussen daalt de omgevingstemperatuur wel tot zo’n 7 graden… en dat terwijl Nederland gebukt gaat onder een hittegolf. Dat geloven ze nooit, thuis. Maar goed, mooi moment om te checken of de handvat- en zadelverwarming werken. Check. Door.

Na nog wat spectaculaire vergezichten wordt de weg smaller en kronkeliger en zijn we echt niet meer in Kansas. Een bord langs de weg stelt zelfs dat de weg is afgesloten, maar zijn we nou motorrijders of niet? Dus rijden we door. Ook als de ondergrond ineens verandert in gravel door weer andere werkzaamheden rijden we door en altijd blijkt het mee te vallen. Maar intussen kunnen we wel serieus aan de bak wat sturen betreft.
Eeeh.... dat zullen de Zwitsers zijnDe motor laat zich gedwee leiden en laat zich dan ook van z’n beste kant zien. Als je dit er mee kunt, is het niet moeilijk voor te stellen waar iedereen zo’n fanatieke loyaliteit vandaan haalt. En dat zijn meestal nog de oudere modellen, die nog zwaarder zijn en minder goed sturen. Man, wat een feest.
Maar goed, aan alles komt een eind en zo ook onze reis. Na zo’n 1400 kilometer worden we ontvangen bij het hotel in Celje, waar nieuw koud bier en een serieus goede steak al op ons wachten. Morgen gaan we eens kijken bij het treffen. We hebben inmiddels al meerdere Gold Wings zien rijden, de een nog meer uitgedost dan de ander. En omdat het schemert is de complete kerstboom aan lichtjes aangezet…. Da’s waar ook, Gold Wing eigenaars zijn nogal gek van lichtjes. Dat wordt nog wat, morgen.

Gold Wing Only

“We hebben dit jaar iets nieuws toegevoegd. Normaal gesproken hadden we een ruimte gereserveerd voor ‘Gold Wing Only’, waar echt alleen Wings toegelaten worden. Dan daarnaast de camping waar ook de meereizende metgezellen wel bij mogen, waar men de aanhangwagen kan neerzetten en waar uiteraard gekampeerd kan worden, maar we hebben nu een extra veldje gereserveerd voor motorhomes.
Finland ja. Waarschijnlijk ook een dag of twee over gedaan. Tenzij ze eerst nog een stuk of wat andere Treffens bezocht hebben, zou heel goed kunnenWe moeten wel, steeds meer mensen komen spijtig genoeg met de complete set. Men wordt ouder, dus daar moet je iets voor bedenken. Maar goed, ze staan wel achteraan, uit het zicht”.
Als je even over de eerste schok heen bent, blijkt het vooral een heel gemoedelijke toestand te zijn. Inschrijving en horeca zijn in de centrale gebouwen en daar omheen liggen aan de ene kant een open veld voor de motoren, aan de andere kant de camping voor de rest. En om nou te zeggen dat er duizend motoren aanwezig zijn… niet echt. Maar dat heeft ook een heel legitieme reden: het moet nog weekend worden en bovendien zijn we hier nu overdag, als er dus ook net zo goed motor gereden kan worden. En als je kunt rijden, waarom zou je dan op het terrein blijven hangen? Vanuit de organisatie zijn niet minder dan vier (korte) routes uitgezet die je, als je een beetje je best doet, makkelijk uit kunt smeren over het hele weekend, met tijd over. Rijdend door de omgeving kwamen we dan ook meer dan voldoende Gold Wings tegen.


Waar je ook maar kijkt, overal zijn Gold Wings. Als het een eiland was geweest, hadden ze extra

voorzichtig moeten zijn. Dat je Wing rijder voor het leven bent, laten deze paradijsvogels zien

Maar hoe dan ook, kleurrijk zijn ze absoluut!
Iets zegt me dat lang niet iedereen met z’n tentje op de camping staat… maar zoals het een centraal Europees land betaamt zijn de wegen ook hier niet te versmaden en eigenlijk altijd goed, ongeacht welke afslag je neemt. Dus mocht je daar zin in hebben, kun je ook gewoon besluiten ‘die berg ziet er goed uit’ en de eerste weg omhoog nemen. Dan aan de andere kant weer omlaag en naar wens herhalen. Is ons uiteindelijk ook gelukt en het is echt altijd raak.
Maar goed, het echte kijken en bekeken worden vindt weldegelijk plaats op het grote veld en de vrij toegankelijke camping. Zoals de titel al aangeeft zijn geen twee motoren hetzelfde. Soms wordt het geprobeerd en dan zie je een setje matching motoren met grotendeels dezelfde accessoires, maar uiteraard is het nooit perfect. Waarschijnlijk zijn de enige honderd procent originele motoren de fietsen waarmee wij hier naartoe gereden zijn. Onvoorstelbaar wat er allemaal voor te koop is. Nou staat de Gold Wing al op eenzame hoogte wat z’n aanschafprijs betreft, dat wordt nog eens met gemak verdubbeld als je je een beetje laat gaan. Lampjes en bekerhouders zijn kinderspel.


Waar je ook vandaan komt.....

'Hee, zullen we een driewileer maken'? 'Ja kicke! Maar... hoe dan?'
Een eerstvolgende stap is helemaal lós te gaan met lampjes en ze rondom te behangen met licht. Maar ook chroom is een graag geziene upgrade. Bedenk het zo gek of het is verkrijgbaar in dit metaal. Of brons, of leer, of een combinatie natuurlijk. En de prijzen zijn er ook redelijk naar. Maar als dat nog niet gek genoeg is, kun je altijd nog in stapjes omhoog. Neem je eerst een extra kofferbak, die monteer je pal áchter je zijkoffers en geeft je nog eens zoveel ruimte extra. Stap twee: de aanhangwagen. Nog opvallend veel éénwielers en daarbij ook nog opvallend vaak hetzelfde type wiel. Zal wel aan mij liggen, maar dat viel op. Stap drie: zijspan. En dan wordt het al een stuk interessanter, want het opent perspectieven. Je kunt nog meer accessoires, toeters en bellen kwijt want wat niet op de motor kan, kan altijd nog in het span. Van nette EML-type combinaties tot complete zelfbouwconstructies in alle


Aan accessoires en toebehoren geen gebrek. En dan nog ietsje meer.

Waar sommige motoren mee uitgedost worden.... laten we zeggen, je kijkt je ogen uit
vormen, open of dicht of zelfs complete cockpits. Maar de max is waarschijnlijk toch wel de driewiel-ombouw. En zelfs daar is niet eens eenduidigheid over, want er zijn zowel motoren met een verbouwde voorzijde als juist een compleet nieuwe achterkant. Voordeel van die achterkantverbouwing is dat je er dan opnieuw een ander koffersysteem op kunt zetten. Of je neemt gewoon een complete autobumper met kofferbak…
Zo zijn Gold Wing rijders wel flink met hun eigen machine bezig om er vervolgens mee rond te rijden. Rondlopend krijg ik toch de indruk dat ze behalve motorrijden niet al te zeer gecharmeerd zijn van randzaken, een handjevol standhouders met accessoires, een fotograaf die aan de lopende band prints maakt van de geschoten motoren, nog wat infostands en dan heb je het wel weer gehad. Die zijn duidelijk nog de hort op, voordat het ’s avonds eindelijk eens losbarst.

Bijzonder model

Maar goed, wat hebben we nu geleerd over de Gold Wing? Dat het een bijzonder model is en in z’n ééntje dus zoveel mensen op de been kan krijgen en houden. Dat is op zich al reden genoeg voor Honda om de motor nog jaren in het programma te laten. Is het een rijdend bankstel? Ja natuurlijk, maar laat een liefhebber er op los en hij tovert het slaapbankje van je studentenkamer om in een sofa met chaise longue. Is het Amerikaans? Jazeker. Maar is het nog motorrijden? Dat absoluut. Daar ben ik inmiddels wel achter.
